Vereniging Vrienden Duits Draadhaar

 

Verenigings  Fokreglement

Vastgesteld op de Byzondere Algemene Ledenvergadering d.d. 28 oktober 2011.

1.    1. ALGEMEEN

1.1.        Dit reglement voor de Vereniging Vrienden Duits Draadhaar, hierna te noemen de VVDD, beoogt bij te dragen aan de behartiging van de belangen van de Duitse Staande Draadhaar zoals deze zijn verwoord in de Statuten en het Huishoudelijk Reglement van de vereniging. Dit Verenigingsfokreglement (VFR) is goedgekeurd door de algemene ledenvergadering van de vereniging op 28 oktober 2011. Inhoudelijke aanpassingen van het VFR kunnen uitsluitend plaatsvinden met instemming van de algemene ledenvergadering van de VVDD.

Dit Verenigingsfokreglement (VFR) geldt voor alle leden van de vereniging voor de Duitse Staande Draadhaar.  Het Huishoudelijk Reglement van de VVDD blijft naast dit reglement van toepassing.

1.2.        Het bestuur van de vereniging verplicht zich, de door de ledenvergadering van de Raad van Beheer vastgestelde wijzigingen van het Kynologisch Reglement (KR), die betrekking hebben op dit Verenigingsfokreglement, terstond hierin door te voeren. Dit ontslaat de individuele fokker niet van de plicht zelf op de hoogte te zijn en te blijven van recente wijzigingen in het KR, ook als het bestuur van de VVDD hier in gebreke blijft.

1.3.        Voor wat betreft de omschrijving van de in dit VFR genoemde definities gelden de omschrijvingen zoals vastgelegd in het Huishoudelijk Reglement en het Kynologisch Reglement van de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland.

1.4.        Voor wat betreft de externe regelgeving gelden de regels zoals vastgelegd in het Huishoudelijk Reglement en het Kynologisch reglement van de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland.

2.    2. FOKREGELS

KR: Artikel VIII lid 3 in samenhang met regels van de VVDD

2.1.        De volgende combinaties van fokreu en fokteef zijn niet toegestaan:

2.1.a.  Ouder/kind combinatie (P generatie/F1 generatie combinatie)

2.1.b.  Broer/zus combinatie (gelijke F-generatie)

2.1.c. Grootouder/kleinkindcombinatie (P generatie/F2)

Pups, voortgekomen uit één van de genoemde combinaties, zullen niet in het NHSB worden ingeschreven (Artikel VIII.3 KR en Artikel III.14 lid 1l).

2.2.        Herhaalcombinaties: Herhaling van dezelfde oudercombinatie is toegestaan.

2.3.        Minimum leeftijd reu: De minimale leeftijd van de reu op de dag van de dekking moet tenminste 18 maanden zijn.

 

2.4.           Aantal dekkingen: De reu mag een onbeperkt aantal nesten voortbrengen.

2.5     Cryptorchide en monorchide: Cryptorchide en monorchide reuen zijn uitgesloten van de fokkerij.        

2.6         Gebruik buitenlandse dekreuen: Wanneer een lid van de vereniging voor een dekking een niet in Nederlands eigendom zijnde reu wil gebruiken, dan dient deze reu, uitdrukkelijk alleen voor wat betreft de gestelde werkeisen en/of gedragsdiploma’s, te  voldoen aan de eisen, zoals gesteld door de FCI erkende instantie, dan wel rasvereniging, van het land van herkomst. Voor wat betreft de overige fokeisen dient de buitenlandse reu te voldoen aan de gestelde eisen in dit fokreglement. Indien de fokeisen in het land van herkomst zwaarder zijn dan de eisen in dit fokreglement, dan moet de buitenlandse reu minimaal voldoen aan de in dit reglement gestelde fokeisen.

2.7.    Kunstmatige inseminatie (sperma van levende en/of overleden dekreuen): Als een fokker voor een dekking het sperma gebruikt van een nog in leven zijnde/of overleden dekreu, dan gelden voor deze dekking de regels van dit VFR alsof het een natuurlijke dekking van de dekreu betreft.

2.    3. WELZIJNSREGELS

3.1.        Een teef mag op de datum van de dekking niet jonger zijn dan 24 maanden.

3.2.        Een teef die haar eerst nest zal krijgen, mag niet worden gedekt na de dag waarop zij 72 maanden oud is geworden. 

3.3.        Een teef mag niet worden gedekt na de dag waarop zij 96 maanden oud is geworden.

3.4.        Het is niet toegestaan dat een teef gedurende haar leven meer dan vijf nesten voortbrengt.Telkens te rekenen vanaf de geboorte van een nest mag de teef in de daarop volgende periode van 24 maanden slechts één opvolgend nest voortbrengen, waarbij geldt dat de periode gelegen tussen de dekkingen voor deze elkaar opvolgende nesten tenminste 10 maanden moet bedragen.

 

1.    4. GEZONDHEIDSREGELS

4.1.        Gezondheidsonderzoek (screening) ouderdieren: preventieve screening van ouderdieren moet, als het gaat om HD-onderzoek, ED-onderzoek, oogonderzoeken en doofheidsonderzoeken, plaatsvinden door deskundigen die erkend zijn door de Raad van Beheer conform de door de Raad van Beheer voor deze onderzoeken opgestelde en/of goedgekeurde onderzoeksprotocollen.

4.2.        Verplicht screeningsonderzoek: op basis van onderzoek zijn de volgende gezondheidsproblemen binnen het ras vastgesteld en moeten de ouderdieren vóór de dekking:  

a.    worden onderzocht op HD;

b.    worden onderzocht dan wel zijn vrijverklaard door de commissie Nakomelingen van de VVDD op von Willebrand deficiëntie

4.3.        Erfelijke aandoeningen: met honden die lijden aan één of meer van onderstaande aandoeningen mag niet worden gefokt.

a.    lijden of geleden hebben aan (een) erfelijk bepaalde afwijking(en) (lijders);

b.    aantoonbaar en met verschillende partners, fokuitsluitende gebreken hebben vererfd (dragers);

c.    oogproblemen: PRA/Cataract en ogen van verschillende kleur;

d.    epilepsie;

e.    chirurgisch gecorrigeerde ziekten of afwijkingen zoals genoemd in dit VFR;

f.     Von Willebrand deficiëntie, lijders en dragers;

g.    middel (HD +) en zware (HD ++) heupdysplasie.

4.4.        Diskwalificerende fouten: met honden met één of meer van onderstaande diskwalificerende fouten mag niet worden gefokt.

a.    Bovenvoorbeet, ondervoorbeet, kruisbeet, het ontbreken van tanden    (uitgezonderd de P1), te nauwe stand van de vangtanden,(dubbele tanden gelden niet als fout);

b.    ontbrekende teelballen (een- of tweezijdig cryptorchidie);

c.    fouten van de oogleden (entropion of ectropion);

d.    aangeboren knikstaart of stompstaart;

e.    pigmentfouten;

 

1.    5. GEDRAGSREGELS

5.1.        Karaktereisen: beide ouderdieren moeten voldoen aan de karaktereisen zoals die in de rasstandaard zijn beschreven.

5.2.        Verplichte gedragstest: voor de Duitse Staande Draadhaar is een verplichte gedragstest niet van toepassing.

2.    6. WERKGESCHIKTHEID

6.1.        Verplichte werkgeschiktheidstest: voor de Duitse Staande Draadhaar is een verplichte werkgeschiktheidstest onder auspiciën van de VVDD niet van toepassing.

3.    7. EXTERIEURREGELS

7.1.        Kwalificatie: beide ouderdieren moeten minimaal eenmaal hebben deelgenomen aan een door de Raad van Beheer en/of FCI gereglementeerde expositie op de volle leeftijd van minimaal 15 maanden en daar minimaal de kwalificatie Zeer Goed (ZG) hebben behaald dan wel de beoordeling Sehr Gut/Sehr Gut (SG/SG) hebben behaald op een officiéle VDD-Zuchtschau.

7.2.        Fokgeschiktheidskeuring: is niet van toepassing voor de Duitse Staande Draadhaar.

4.    8. REGELS AFGIFTE PUPS, WELZIJN PUPS

8.1.    Ontwormen en enten: de fokker draagt zorg voor het deugdelijk ontwormen en inenten van de pups volgens gangbare veterinaire inzichten en voor een volledig door de dierenarts ingevuld en ondertekend Paspoort voor Gezelschapsdieren. De pups dienen bij aflevering vrij van parasieten, ontwormd volgens de huidig geldende voorschriften, vlooien en oormijt te zijn.         

8.2.        Aflevering pups: de pups mogen niet eerder worden afgeleverd dan op de leeftijd van 7 weken. Tussen de eerste enting en de overdracht aan de nieuwe eigenaar moeten minimaal 7 dagen zitten.

9.    SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGEN

9.1.        Dit reglement is niet van toepassing op de inschrijving van honden die worden geboren uit een teef, gedekt op of voor de dag waarop dit reglement in werking treedt.

9.2.        Gezondheidsuitslagen, exterieur-, gedrags- en/of werkkwalificaties die zijn afgegeven en/of voor de inwerkingtreding van dit reglement hebben plaatsgevonden, worden geacht onder de werking van dit reglement te zijn inbegrepen.

9.3.    In bijzondere gevallen kan de vereniging bij een  besluit met betrekking tot het toestaan van een bepaalde combinatie afwijken van dit VFR, indien de belangen van het ras daardoor worden gediend. Een besluit op basis van dit lid wordt met redenen omkleed naar de leden van de vereniging gecommuniceerd.

 

 

10. INWERKINGTREDING

10.1.        Dit Verenigingsfokreglement treedt in werking op 28 oktober 2011.

Aldus vastgesteld door de Algemene Ledenvergadering van de Vereniging Vrienden Duits Draadhaar op 28 oktober 2011.

De voorzitter,                                                         De Secretaris,

J. Aukes                                                                S.C. Verheugt-Meijer

 

terug naar index